Fictie

In een interview met de literair agent die ook mij vertegenwoordigt lees ik dat hij verzuchtend zegt: ‘Ik snap niet dat schrijvers nog fictie schrijven, het publiek wil waargebeurde verhalen lezen.’ Ik lees het interview bij een vriend aan tafel. Ik ben op bezoek, we drinken bier uit een glas en eten pinda’s uit een schaaltje. Hij vraagt me of mijn volgende boek dikker wordt. Hij zegt dat mijn eerste boek net niet dik genoeg is. Hij wijst naar beneden. Onder de poot van de tafel ligt mijn boek, met de voorkant naar de grond. Een rand van het auteursportret steekt onder de tafelpoot uit. Hij schudt aan de tafel, die beweegt. Ik pak mijn glas van tafel en kijk naar buiten. In de straat staan twee groepen mensen, de ene groep onthoofdt ongelovigen om hen duidelijk te maken dat ze het bij het verkeerde eind hebben door niet in het ware geloof te geloven, de andere groep schreeuwt dat ze zwarte pieten met volledig zwarte gezichten willen zien. Wanneer de zwarte pieten niet volledig zwart zijn, is voor hen de lol van het Sinterklaasfeest af. Ik zeg dat mijn volgende boek dikker wordt en dat bovendien alle verhalen waargebeurd zijn.

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *