Schouder

Bij de kassa in de supermarkt duwt een oude man me opzij omdat hij er langs moet. Hij heeft niets gekocht, hij zegt niets, hij duwt zijn rollator voort. Ik wacht tot mijn boodschappen aan de beurt zijn om langs het bliepapparaat van de kassière gehaald te worden en kijk de oude man na. Ik heb niets gezegd, ik denk aan de dingen die ik had moeten zeggen.
Voor de bloemenstal stopt de man, pakt een pet uit het mandje van zijn rollator en zet de pet op.
Ik heb geen lege flessen ingeleverd, ik heb geen klantenkaart, ik reken af. Ik pak mijn boodschappen in. Zware dingen in mijn rugtas, minder zware in de boodschappentas.
Buiten zie ik de oude man weer. Terwijl ik hem links passeer tik ik hem rechts op zijn schouder. De man kijkt naar rechts. Net op dat moment splijt boven ons de hemel open.
Sprinkhanen en zwarte takken vallen naar beneden. Ik sta stil en kijk naar boven. Open mond. Wit licht. Sprinkhanen en takken kletteren op de stoep.
De man duwt me opzij. Hij moet er langs.

Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *